Langkawi en Penang – Maleisië

Twee prachtige maar totaal verschillende eilanden in Maleisië.

Nadat we een week lang hebben geprobeerd om van onze kaaskleur af te komen, redelijk gelukt, was het tijd om door te reizen. We hadden nog ongeveer 2 weken te gaan en we moesten nog onze voetafdrukken achterlaten op 2 Maleisische eilanden: Langkawi en Penang.

Langkawi het meest noord westelijke eiland van Maleisië

Er waren diverse mogelijkheden om af te reizen naar Langkawi:

Waddappppp Langkawi!
Hello Langkawi!

per ferry á €55 per persoon of mini van + ferry á €25 Geen verassing natuurlijk dat wij voor de laatste optie kozen. Een trip van 8 tot 5 uur ‘s middags. Wat een beetje voor verwarring zorgde was het tijdsverschil tussen Langkawi en Thailand. Ondanks dat Thailand en Maleisië ongeveer op dezelfde lengtegraad liggen, waar de tijd op gebaseerd wordt, is er een uur tijdsverschil. Gekkies.

Langkawi heeft niet echt openbaar vervoer maar wel een goed en legitiem taxi netwerk. De taxi’s op Langkawi hebben namelijk allemaal vaste prijzen waardoor het voor toeristen een stuk makkelijker is om een taxi te pakken. Pantai Cenang Beach en Pantai Tengah is waar wij dichtbij verbleven. Gelukkig voor ons had Red Tomato Hotel, ons verblijf, zijn eigen 24/7 keuken. Zo vanuit de slaapkamer aanschuiven in deze indiaanse kantine, roti, canai, canai pisang en nog veel meer van dat.

Langkawi en zijn schoonheid

Langkawi is een zeer divers eiland met prachtige zandstranden die bijna allemaal verlaten zijn afgewisseld met heel héél veel jungle, #liefde. De reden waarom het eiland zo groen is heeft te maken met stevige tropische regenbuien die met regelmaat overtrokken. Overdag was het aan de noord-oostelijk, zeker bij de waterfall Durian, een stuk aangenamer. Het was overdag heet en vochtig. Lees 35 – 40 graden, heiss! Er zijn veel verchillende strandjes die allemaal zijn eigen charmes hebben. De Gunung Raya, hoogste punt op Langkawi, hebben wij ook bezocht maar boven op de top was het bewolkt waardoor het uitzicht tegenviel. Jammer de bammer. Wie Langkawi googled komt zeker plaatjes tegen van de Great Hornbill. Een super grote tropische vogel. Nou, we waren onderweg naar beneden tot we ineens apen in de berm zagen zitten.

Great Hornbill

De welbekende Dusky Leaf Monkeys die we ook op Perhentian Besar hadden gespot. Nadat we ze uitgebreid hadden begluurd stapten we op de scooter om door te gaan. GJ stapte op en zei: “Hoe vet zal het zijn als we nu ook nog de Great Hornsbill tegen kwamen. Hebben we alles afgevinkt”. De zin was nog maar net uitgesproken totdat hij zei (fluisterde): “DAAR!!! DAAR ZITT DIEE!!”. Annika dacht: “Geintjuh”. Maar nee, hij zat daar echt! Ge-wel-dig! Verder hebben we in de schaduw gelegen en geprobeerd om onze kennis over rijst in het rijstmuseum, ja alweer, bij te schaven. Dit was weer net zo een groot succes als de vorige keer. Ahum.

Penang streetartists

Penang is een eiland ten zuiden van Langkawi en is te bereiken met het vliegtuig en de ferry vanaf Langkawi. Na enige research bleek een vlucht vanaf Langkawi naar Penang goedkoper te zijn dan de ferry. Huh?! Ja, best gek toch dat het goedkoper is om te vliegen á €10,- dan met de ferry €15,- p.p. De vlucht duurde nog geen 30 minuten en vanaf het vliegveld is het gemakkelijk om met het openbaar vervoer in 1,5 uur naar Georgetown, de hoofdstad van de deelstaat Penang, af te reizen.The Boy and Girl on the Swing Het grootste deel van Penang heeft Chinese invloeden, winkels, huizen, inwoners, winkelcentra en nog veel meer. George Town heeft in 2008  UNESCO-bescherming gekregen waardoor veel van de oude stad, 1800/1900 bewaard is gebleven. Waar George Town bekend om staat zijn de vele straattekeningen ook wel “street art” genoemd. Deze vrolijke tekeningen duiken in de oude stad overal op en zijn prachtig om naar te kijken. In George Town is het nachtleven ook goed, veel gezellige barretjes en gezellige kraampjes. Het straat eten vonden wij tegenvallen en zijn daarom elke avond naar Red Garden food court gegaan. Red Garden had veel verschillende food stands met eten uit heel Azië. Gelukkig serveerden ze hier ook Annika haar favoriete gerecht: Pad Thai uit Thailand. Zelfs na 6 dagen achtereenvolgens Pad Thai te hebben gegeten ging het er nog flierefluitend in.

Thaipusam 2016

We zijn tijdens onze reis door Azië al regelmatig met onze neus in de boter gevallen als het om feestjes gaat. Dit maal geen feest maar een waar religieus festival van de Hindu’s, iets wat wij nog nooit hadden gezien laat staan hadden meegemaakt. Het festival ging van start tijdens volle maanen de Pushya ster tegelijk in januari en februari op komen. 

“It is a time for making and fulfilling vows and to show their faith. Devotees pray for divine help and make vows. When their prayers are answered, they fulfil their vows.

Thaipusam has a number of meanings for Hindus, with the most spectacular and visible one being those that come to do penance for misdeeds or being unworthy of God. This penance takes the form of what look like incredibly masochistic feats of atonement such as seeing the endless procession of men who have attached limes, oranges or small silver urns to their backs and chests with hooks directly into their skin! Some add to this by attaching these hooks to rope which would be held by family members providing resistance and keeping these ropes taut against the devotee straining against it.

Others wear enormous ‘kavadi’s’ (meaning “suffering at every step”), which are basically ornately decorated shrines assembled upon a steel frame that is supported around the bearers waist. Many of these kavidis weigh from 100-150 lbs and upwards and also have to be manhandled up the steps into the temple above.

Not all worship involves self inflicted pain, and many men and women make the walk to the Caves barefooted with a simple silver urn of fresh milk on their head in thanks for any children born that year.” http://veda.wikidot.com/thaipusam

De uitverkorene moet met zijn “tegenprestatie” een route van 4km afleggen beginnend in Little India in George Town en te eindigen bij Nattukottai Chettiar Temple. Voordat dit kon plaatsvinden moest de weg gereinigd worden met kokosnootwater. Dit is in de ogen van Hindu’s de meest pure en zuivere vorm van water. Ze gooien hierbij kokosnoten kapot op de weg waardoor al het water over de weg vliegt. Overal vlogen stukken kokosnoot naartoe.

Heel bijzonder om eens mee te maken. De volgende dag werd de route dus nogmaals afgelegd. Wij wilden dit graag zien en zijn vroeg opgestaan om de route vanaf little India tot de tempel gelopen. Overal langs de weg waren punten waar iedereen gratis eten en drinken kon krijgen. Iets wat je hier niet snel zal zien. Helemaal niet als je nagaat dat er zo’n 1,2 miljoen Hindoestanen naar het festival kwamen (en enkele toeristen natuurlijk). Meerdere malen werd ons gevraagd, was wel moeilijk te verstaan tussen de kei- en keiharde muziek, of we niet nog wat eten en drinken wilden hebben.

Geweldig om hier bij te mogen zijn! De volgende ochtend was onze vlucht naar Kuala Lumpur. Hier hadden we nog 2 dagen om te shoppen. En daarmee eindigt de Azië trip in de stad waar het allemaal is begonnen.