Kanchanaburi – Thailand

on

Kanchanaburi

Na het *kuch* grote *kuch* nieuwjaarsfeest bij Central World in Bangkok stonden we alweer vroeg in de ochtend klaar om door te reizen naar Kanchanaburi. Kanchanaburi is een stad, tevens hoofdstad van de gelijknamige provincie, in Centraal-Thailand. Kanchanaburi is goed te bereiken met het openbaar vervoer, zowel de trein als de lokale bus. Velen, backpackers/toeristen komen naar Kanchanaburi vanwege de Bridge over the River Kwai, voor ons is Kanchanaburi meer dan deze enkele highlight!

Kanchanaburi charmes

De reden dat we vanuit Pai (wij houden van Pai) weer terug zijn gegaan naar Bangkok was niet alleen om het nieuwjaarsfeest mee te maken. Aangezien we Thailand via land zijn binnengekomen, lees hier wat wij vonden van de grensovergang Poipet (Cambodja – Thailand), hadden we een visum gekregen dat geldig was voor 15 dagen. Te kort natuurlijk. Dit kan verlengd worden bij een immigratiekantoor in de verschillende steden. In Pai zat geen immigratiekantoor en over Bangkok hadden we niet wisselende berichten gelezen/gehoord. Kanchanaburi ligt op maar 3 uur rijden en heeft naast het immigratiekantoor ook mooie natuur met de beroemde Erawan Waterfall. We hadden het alleen van te voren niet heel goed gekeken want doordat oud en nieuw voor het weekend viel en de kantoren daardoor waren gesloten konden we het visum verlengen op de dag dat hij ook verliep. Spannend. Maar nu eerst wat wij van Kanchanaburi en omgeving vonden.

De stad heeft niet veel charme. Er is één straat “where the magic happens” – letterlijk. Overal zie je lady-boys of jonge meisjes die met expats of met oudere westerse mannen “afspreken”. Een keer tijdens het ontbijt zat er een westerse man met een Thaise vrouw openlijk te bespreken dat hij iemand had “geboekt” maar dat hij dat niet meer wilde omdat iemand anders haar ook had “geboekt”. We hadden dit niet verwacht.

Erawan Waterfalls Kanchanaburi

De lokale bus bracht ons vanuit Bangkok (zuidelijk busstation) naar Kanchanaburi in een

Wij sliepen in het smurfenhuisje
Rainbow Lodge

ruime 3 uur. Het was ondanks nieuwjaar en de vakantie van de Thaise mensen, makkelijk om een goede en goedkope accommodatie te vinden in het toeristische gedeelte van de stad. Ons kabouterhuisje keek uit over de rivier Kwai, heerlijk! We maakten ons ins het begin wel een beetje zorgen aangezien de andere gasten vertelden dat de accommodatie, Rainbow Lodge, ook als after-party locatie werd gebruikt door de eigenaar die ook een kroeg in de toeristische straat had. Achteraf geheel onterecht!  We hebben heerlijk geslapen en de accommodatie voldeed prima.
De Erawan Waterfalls wilde we graag zien en deze waren goed bereikbaar met een scooter

Erawan Waterfall level 4
Lekker rustig.

vanuit Kanchanaburi +/- 65km rijden (1 uur en 15min). De wegen zijn een stuk beter dan in bijvoorbeeld de Filipijnen, Vietnam of Indonesië. Andere backpackers hadden ons al gewezen op het feit dat het door de huidige vakantie en het weekend nogal druk kon worden bij de Erawan Waterfalls. Ondanks dat we er vroeg waren, 10:15 was het al druk. Om deze watervallen te zien (het is eigenlijk 1 waterval met 7 niveau’s of trappen) moet je wel een veel te dure entrance fee betalen (300 baht á €7) p.p.. Nu hoor ik mensen denken, och het is maar €7,- maar dit is voor Thailand een serieus bedrag. Deze fee is niet alleen voor de waterval maar is voor het Erawan National Park waar de Erawan waterfalls in zitten. Goed, gewoon betalen en omhoog! Hoe hoger hoe minder mensen er zouden zijn. Zouden.. Waarschijnlijk had iedereen hetzelfde goede voornemen, meer bewegen of iets dergelijks want zelfs level 7, het hoogste niveau van de waterval, was afgeladen met mensen. Dit niveau viel ons wel tegen. Dit is namelijk het begin van de waterval en hier  heeft de waterval de hoogste val. Waarschijnlijk waren we op een verkeerd moment want er kwam maar een klein piesstraaltje naar beneden. Jammer maar desondanks waren de watervallen mooi. Zeker het contrast met het blauwige water en het groene bladerdek op de achtergrond. Wanneer er wat meer water/regen was gevallen de afgelopen periode dan had het waarschijnlijk een hele andere kijk gehad.  Erawan Waterfall

 

Death Railway Museum – Kanchanaburi

Net als in veel andere landen in Azië, was Japan tijdens de tweede wereldoorlog de bezetter van Thailand. Zij wilde een spoorlijn aanleggen tussen Nong Pladuk in Thailand en Thanbyauzayat in Myanmar (Birma). Dit om materieel/personeel naar het front te brengen (Birma). Voorheen deden ze dit per boot maar doordat de geallieerden steeds meer boten van de Japanners tot zinken wisten te brengen waren de Japanners opzoek naar alternatieven.

“Tijdens de aanleg stierven per dag gemiddeld 75 arbeiders; 15 000 krijgsgevangenen (POW – Prisoners of War) stierven aan uitputting, ziekte en ondervoeding. Onder hen waren 7 000 Britten, 4 500 Australiërs, 131 Amerikanen en bijna 3 000 Nederlanders. Onder de westerse krijgsgevangenen waren veel KNIL-militairen en Nederlanders uit toenmalig Nederlands-Indië. Ook stierven ongeveer 100.000 Thaise en Indonesische Romoesja’s en ook Birmaanse en Maleisische dwangarbeiders bij de aanleg door het moeilijke gebied. Na de voltooiing van de spoorweg in december 1943 bestond het werk uit onderhoud en reparatie van schade door geallieerde bommenwerpers. De werkkampen lagen vaak naast vitale punten van de spoorweg, waardoor bombardementen ook veel slachtoffers en gewonden onder de dwangarbeiders veroorzaakten.” – https://nl.wikipedia.org/wiki/Dodenspoorlijn

Kanchanaburi was voor veel POW’s een startpunt om te werken aan deze verschrikkelijk spoorlijn. Velen gevangenen marcheerden door de jungle vanuit Kanchanaburi naar de plek waar zij aan de spoorlijn moesten werken 100 – 150km. Toen er grotere gedeelten van de spoorlijn af waren, werden de gevangen verder in de jungle afgezet. Lees ook deze folder van Oorlogsgraven Stichting om meer te weten te komen over de Birma Spoorlijn en het lot wat de gevangenen was beschoren. Het museum was klein maar had het verhaal goed weergegeven door gebruik te maken van leesbare en informatieve Engelse teksten en veel beeldmateriaal. Dit was in Vietnam wel anders. Een gedeelte van de graven van de omgekomen POW’s ligt voor het Death Railway Museum en maakt het totaal een hele intense en ook leerzame ervaring. Wij waren er ons er niet van bewust dat er zoveel Nederlanders hierbij om het leven zijn gekomen. Wij vroegen ons ook af of we dit wel op school geleerd hebben of “men/overheid” dat niet belangrijk genoeg vindt?

POW\'s rustplaats
Dit is een van de laatste rustplaatsen van de POWS.

Kanchanaburi and more

Er is in Kanchanaburi wel meer te doen dan bovengenoemde maar een aantal van de activiteiten die je vanuit hier kunt ondernemen keuren wij af. De Tiger Temple is een dergelijke attractie waar wij geen goed woord voor over hebben. Eigenlijk alle attracties met dieren is een NO GO voor ons. In het begin wilde we heel graag olifanten zien of ze mee helpen om ze te wassen. Maar als je de moeite neemt om hier wat meer over te lezen kom je vaak achter de werkelijke omstandigheden waar de dieren in leven. Twee voorbeelden: Tiger Temple is een populaire attractie waar je met tijgers op de foto kunt. Dit is onderdeel van de temple die beheerd wordt door monniken. De tijgers worden verdoofd om zo aan het publiek/toeristen te worden getoond, daarnaast wordt er op grote schaal in deze dieren gehandeld. Goed om te zien dat RTL Nieuws dit nu ook op pikt en er een uitgebreid artikel over schrijft – klik hier. Een ander voorbeeld zijn de vele rehabilitationcentre’s of olifantentrekken in de omgeving van Chiang Mai. Klinkt geweldig toch? Wilde olifanten spotten wie wil dat nou niet? Dat de olifanten niet meer wild zijn blijkt wel uit het feit dat ze langer dan een kwartier op hun zij kunnen liggen om gewassen te worden. Wij hebben ons laten vertellen dat een olifant normaal niet langer dan 5-7minuten op zijn zij kan liggen. Deze “wilde” olifanten worden getraind voor toerisme. But hey, that’s just our opinion.

Immigration – Kanchanaburi

Zoals in het begin geschreven waren we niet alleen voor ons plezier in Kanchanaburi. Er moest ook nog wat serieus gebeuren, verlenging van ons visum. Uiteraard hadden we ons goed voorbereid op wat er van je gevraagd wordt en wat je bij je moet hebben dus dat zat allemaal goed. Met de trycicle taxi naar het immigratiekantoor. Alle spullen hadden we meegenomen want het zou maximaal 1  tot 1,5 uur duren. Om kwart over 9 waren we aan de beurt. Papieren ingeleverd met een schattige pasfoto van onze bleke gezichtjes. Niet veel later werden we opgeroepen. We stonden niet ingeschreven in het toeristenregister. Je moet namelijk bij de immigratie aangeven waar je op dat moment verblijft. We hadden Rainbow Lodge opgegeven waar we de afgelopen 3 nachten hadden geslapen. Wat Rainbow Lodge niet had gedaan was onze namen doorgeven aan het register waardoor we niet geregistreerd stonden. Oeps. Of we dat nu even konden regelen. Uhh, kun je zelf niet in het Thais met de eigenaar bellen? Ze probeerde het 1x maar kreeg geen gehoor. Wij opzoek naar een telefoon om het zelf te proberen. Niks. Wij weer naar binnen om te melden dat we het gingen regelen. Maar nu moesten we eerst naar een andere kantoor naast het immigratiekantoor. Oke? Het leek op een slechte opname van Police Academy. Een aantal mannen waren zich aan het voorbereiden op een inval of iets dergelijks en de vrouwen (3/4) waren druk bezig. Krulspelden en föhnen etc.. Nadat ze ons had uitgelegd wat er gedaan en ingevuld moest worden hadden we de trycicle driver, die nog op ons stond te wachten, gevraagd om ons weer terug te brengen. De eigenaar aldaar was door de immigratie inmiddels ook op de hoogte gebracht. Erg gezellig keek ze niet naar ons, ze lag net zo lekker te slapen. Sorry! Uiteindelijk hadden we onze stempel en stonden we om 13:30 op het busstation te wachten op de bus naar Bangkok station noord. Het allereerste plan was om op 1 dag de immigratiedingen in Kanchanaburi te doen en dan ‘s avonds vanaf Bangkok door te vliegen naar Krabi, onze volgende bestemming. Zo werd maar weer eens duidelijk dat je beter een dagje extra speling kunt nemen..

Krabi

Vluchten in Azië kunnen spotgoedkoop zijn, mits je de moeite neemt om de verschillende airlines met elkaar te vergelijken. Dit doen wij via skyscanner.nl en dan uiteindelijk boeken we bij de airline zelf. Velen vliegen met AirAsia, maar wij zijn zelf erg fan van Malindo. Het voordeel van Malindo t.o.v. AirAsia is dat de bagage al bij het ticket in zit. Plus, en dit is eigenlijk waarom we met Malindo vliegen, je krijgt een lekker cakeje en een watertje. Bonus! De vlucht was easy peasy en met een uurtje stonden we in Krabi. Vanaf Krabi Airport naar Krabi zelf gaan goed georganiseerde schuttlebusses die je in het centrum afzetten. Hier was het lastiger om een accommodatie te vinden maar zoals men altijd zegt: “de aanhouder wint”. Wie binn ja Grunnegers dus wie kenn well volhold’n. Uiteindelijk is het deze accommodatie geworden: Green Tea. We  troffen het wel want er was een feestje met allerlei lokaal eten en lokaal vertier.

Krabi – Railey Beach

Railey Beach ligt op een klein uurtje varen vanaf Krabi. Neem wel de tijd om een bootje te nemen want ze hebben niet echt haast. Zo hebben wij een uur gewacht, samen met 10 anderen, om met de boot naar Railey te worden gebracht. De reden dat je er met de boot naartoe moet is dat Railey via het vaste land niet te bereiken is. Naast lekker luieren op het strand wordt dit uiterstepuntje van Krabi ook door klimmers opgezocht. Het lijkt zo makkelijk om omhoog te klimmen. De laatste boot bracht ons tegen 5-en weer terug naar Krabi waar we de avond afsloten met heerlijke Pad-Thai en een nachtelijk avontuur met 3 units van kakkerlakken die besloten om ons gezelschap te houden. Beetje vergelijkbaar met het Kakkerlakken verhaal in Ho Chi Minh. Gelukkig was het de laatste avond want de dag erna vertrokken we met de boot naar het Thaise eiland Koh Lanta! 

East Railay
Hier word je afgezet met de boot vanuit Krabi